Tempelhof

 

De eerste Van Nyens in Beerse

Augustinus Van Nyen (1763-1839) van Oostmalle huwde in 1790 met Henriette Wouters van Beerse en vestigde zich als landbouwer op Den Hout. In 1806 bouwde hij een nieuwe boerderij op het huidige Kerkplein. Zijn nakomelingen maakten er een herenhuis van. Augustinus Van Nyen was burgemeester van Beerse van 1822 tot 1830. Zijn kinderen en kleinkinderen zwermden uit, vooral naar Antwerpen, en gebruikten de woning in Beerse als zomerverblijf. Eén van die kleinkinderen, Florentinus, hield zo van Beerse, dat hij er ook wilde begraven worden. Dat gebeurde in 1889. Emile Van Nyen, een broer van Florentinus, liet in 1880 ook een herenhuis in het centrum van Beerse bouwen: Tempelhof. Zeven jaar later verkocht hij het aan zijn schoonbroer, Albert de Breyne.

Karel Van Nyen komt in Tempelhof wonen

In 1905 kwam Tempelhof weer in het bezit van de familie Van Nyen. Maria De Winter, de weduwe van Florentinus Van Nyen, verkocht een deel van haar gronden op het Kerkplein voor de bouw van de nieuwe Sint-Lambertuskerk en verhuisde naar Tempelhof. Haar zoon Karel Van Nyen (1864-1951), die in Berchem woonde, gebruikte Tempelhof nu als zomerverblijf. Pas in 1925 vestigde hij zich definitief in Tempelhof, samen met zijn echtgenote, Alberte Meeùs.

Achter Tempelhof beschikte de familie Van Nyen over een mooi park, maar de tuin vóór Tempelhof was nog veel groter. Hij strekte zich uit tot aan de Melkerijstraat met bloemenperken, een groentetuin en zelfs een tennisplein. In het midden lag een vijver; dat is nu het rondpunt van de Karel Van Nyenlaan. De huidige Bisschopslaan, toen nog een smalle weg, liep dwars door de tuin van Tempelhof.

Karel Van Nyen was van 1920 tot 1925 bestendig afgevaardigde van de provincie Antwerpen. In 1930 was hij ondervoorzitter van het comité dat de wereldtentoonstelling in Antwerpen organiseerde. In die hoedanigheid kwam hij in contact met de hoogste kringen in binnen- en buitenland. Maar hij was ook een heemkundige die veel opzocht en schreef over de geschiedenis van Beerse en van de Kempen. En hij was een verzamelaar, bv. van bidprentjes, bedevaartvaantjes en ex-librissen. Zijn verzameling van menukaarten van feesten waaraan hijzelf deelnam is uniek. Karel Van Nyen overleed in Tempelhof op 87-jarige leeftijd in 1951.

Tempelhof vanaf 1952

André Van Nyen, de zoon van Karel Van Nyen, was in 1947 burgemeester van Beerse geworden. In 1952 verkocht hij Tempelhof aan de gemeente om het als gemeentehuis in te richten. De voormalige eetkamer werd vergroot tot de huidige raadszaal.

Toen Beerse en Vlimmeren in 1977 fuseerden, werd Tempelhof te klein voor de gemeentelijke administratie. De voormalige kraamkliniek aan de Bisschopslaan werd het nieuwe gemeentehuis en Tempelhof werd een gemeenschapshuis, gebruikt voor vergaderingen en recepties. In 1987 werd op de bovenverdieping Heemkundig Museum Tempelhof ingericht.

Vraag

Schrijf bij elk jaartal een gebeurtenis uit de geschiedenis van Tempelhof (wat gebeurde er met het gebouw of wie kwam er wonen?): 1880 – 1887 – 1905 – 1925 – 1952 – 1977 – 1987

Bronnen

Jos GEERTS, Karel Van Nyen (1864-1951), bestendig afgevaardigde van de Provincie Antwerpen, eerste heemkundige van Beerse, in De Vlierbes VII (1985), p. 9-23.

Leo DIGNEF, Het bouwjaar van Tempelhof: 1880, in Driemaandelijks contactblad van De Vlierbes, jg. 20, nr. 72 (februari 1998), p. 9.

Leo DIGNEF, Aan tafel met de familie Van Nyen, in De Vlierbes XIX (1997), p. 13-46.