De organisatoren van de jaarlijkse Worstenfeesten in Vlimmeren willen de Grote Kleinvelokeskoers laten erkennen als Vlaams immaterieel cultureel erfgoed. De ludieke race op kleine fietsen met verklede deelnemers is op zondag 24 augustus al aan haar zeventigste editie toe. Om deze aanvraag kracht bij te zetten, lanceren ze een online petitie. “We willen deze traditie zorgvuldig bewaren en doorgeven”, aldus voorzitter Herman De Houwer.
Komt de Grote Kleinvelokeskoers in Vlimmeren samen met onder meer de Heilig Bloedprocessie in Hoogstraten, de Sint-Dimpnaviering in Geel of de Sint-Antoniusvieringen in Vlaanderen in de Inventaris van het Immaterieel Cultureel Erfgoed in Vlaanderen? Als het van de organisatoren van de Worstenfeesten afhangt wel.
De organisatie bereidt een aanvraag voor om deze traditie van intussen zeventig jaar te laten opnemen in de inventaris. Op de afsluitende zondag van de Worstenfeesten, steevast eind augustus, racen honderden verklede volwassenen door het centrum van Vlimmeren op kleine fietsen. De koers, die sinds een twintigtal jaar ook een kindereditie op zaterdag heeft, gaat gepaard met een groot volksfeest en lokt telkens duizenden toeschouwers naar Stad Worst.
Erkenning
Met deze erkenningsaanvraag willen de initiatiefnemers van de Grote Kleinvelokeskoers de traditie officieel laten registreren binnen het Vlaamse erfgoedbeleid. Opname in deze inventaris is voor hen geen prijs of bekroning, maar eerder een symbolische erkenning van de inzet van de erfgoedgemeenschap om de koers levendig te houden en door te geven aan de volgende generaties. “Deze erkenning is geen eindpunt”, zegt Herman De Houwer, voorzitter van de ‘koersdirectie’ van de Grote Kleinvelokeskoers. “Het is een engagement. We tonen ermee dat we verantwoordelijkheid opnemen om deze traditie zorgvuldig te bewaren en door te geven.”
Lokale traditie
De Grote Kleinvelokeskoers maakt al zeven decennia deel uit van het sociale en culturele leven in Vlimmeren. “Wat begon als een lokaal initiatief, groeide uit tot een jaarlijkse traditie die verschillende generaties met elkaar verbindt. De koers is niet alleen een evenement, maar ook een geheel van gebruiken, organisatievormen, vrijwilligerswerk en gemeenschapsbetrokkenheid”, luidt het bij de organisatoren. Dat niet tastbare erfgoed vormt de kern van de erkenningsaanvraag. “De koers draait al zeventig jaar op vrijwilligers en lokale inzet”, legt medeorganisator Geert Goetschalckx uit. “Die kennis en dat engagement willen we niet vanzelfsprekend vinden. We willen ze benoemen, vastleggen en actief blijven doorgeven.
Voor een opname in de inventaris is het belangrijk dat er aantoonbaar draagvlak bestaat binnen de gemeenschap. De petitie moet dat draagvlak ondersteunen. De tekst van de petitie benadrukt duidelijk dat ondertekenaars geen oordeel uitspreken over de traditie zelf, maar dat je de opname in de inventaris ondersteunt. “Wie de petitie ondertekent, zegt eigenlijk: laat deze aanvraag correct bekijken binnen het Vlaamse erfgoedkader”, legt Herman De Houwer uit. “Het is geen stem voor of tegen het evenement, maar een steunbetuiging aan het traject dat we willen afleggen.” De verzamelde handtekeningen worden toegevoegd aan het dossier dat wordt ingediend bij het Departement Cultuur, Jeugd en Media van de Vlaamse overheid.
Met haar erkenningsaanvraag engageert de organisatie zich om actief werk te maken van erfgoedzorg. Dat houdt onder meer in dat de initiatiefnemers de geschiedenis en evolutie van de traditie documenteren, kennis overdragen aan jongere generaties en aandacht hebben
voor een duurzame toekomst. “Zeventig edities van de Grote Kleinvelokeskoers zijn iets om trots op te zijn,” zegt Luc Dockx, al jarenlang betrokken bij de organisatie van de Worstenfeesten en de Grote Kleinvelokeskoers. “Maar minstens even belangrijk is de vraag hoe we ervoor zorgen dat ook de volgende generaties dit kunnen blijven beleven en mee vormgeven. Dit is een verhaal van en voor de
gemeenschap. Hoe meer mensen mee hun steun uitspreken voor de aanvraag, hoe sterker we kunnen aantonen dat deze traditie leeft en gedragen wordt.” De initiatiefnemers hopen op brede steun, niet alleen vanuit Vlimmeren, maar ook van daarbuiten.